Home. » Ziektes bij koi,s 1 ..

Ziektes bij koi,s 1 .

Parasieten.

Parasieten zijn organismen die op of in andere organismen leven en daarvan profiteren, meestal doordat de parasieten eten van de gastheer. Parasieten zijn meestal schadelijk. Eén soort, de zogenaamde 'protozoa', zijn eencellige organismen. Hier volgt een uitleg.

Protozoaparasieten.

Deze organismen zijn kleiner dan 1 mm. Ze kunnen nog net met het blote oog worden gezien. Er zijn diverse soorten. Meestal leven ze in vochtige omgevingen. Ze leven van opgeloste voedingsstoffen of kleine deeltjes, waaronder bacteriën. Ze vermenigvuldigen zich zeer snel. Gewoonlijk zitten ze op of in de vissen, maar ze kunnen zich gemakkelijk onder de andere koi verspreiden. Van de verschillende protozoa zijn er enkele die vissoort gebonden zijn. Hieronder staan een aantal symptomen veroorzaakt door protozoa.

Slijmerige huid.
Het kan zijn dat de koi last heeft van een grijswitte film van overdadig slijm op het lichaam. Dit kan een reactie zijn op voornamelijk de Ichthyobodo, Trichodina of Chilodonella:

Ichthyobodo.
Deze protozoa parasiet lijkt op een boon en beweegt zich voort met lange zweepachtige draden. De parasiet zit op het lichaam en de kieuwen van de vis en voedt zich met huidcellen. De koi gaat zich langs voorwerpen schuren en springt regelmatig uit het water. Later gaan de koi steeds minder eten en worden ze lusteloos. De ichthyobodo leven tussen de 2 en 29 graden Celsius. Ze zijn vooral actief in het voorjaar wanneer de koi nog herstellende is van de winter. Omdat de parasiet de plaats aantast waar de schubben in de huid vastzitten, is het moeilijk voor de koi om er van af te komen. Een bijkomend probleem is de aantasting door infecties van bacteriën en schimmels.

Trichodina.
Deze eencellige schotelvormige parasiet heeft een duidelijke ring van kleine haartjes die voor de beweging zorgen. Deze parasiet is herkenbaar door de grijze film die over het lichaam heen ligt. Deze overdadige slijmproductie verergert de situatie alleen maar. Ook hierbij kunnen bacteriële infecties ontstaan. Tevens kunnen ze de kieuwen en kieuwplaatjes aantasten waardoor ook weer een bacteriële infectie ontstaat. Symptomen bij de koi zijn het schuren aan voorwerpen en het springen uit het water. Ook deze aantasting zorgt ervoor dat de koi minder eet en vlak onder de waterspiegel gaat zwemmen, vlak bij de doorluchtig van het water bijvoorbeeld bij een waterval. Hij gaat naar lucht happen en overleeft het dan ook vaak niet, zelfs niet bij behandeling.

Chilodonella.
Deze protozoa lijkt op een kleine kruisbes. Hij komt voor op de vinnen, het lichaam en de kieuwen en leeft van huidcellen. Ook deze parasiet is voornamelijk in het voorjaar actief en kan zich dan zeer snel vermenigvuldigen. Gevolgen zijn o.a. de grijs witte film over het lichaam. Daarna gaat de koi zich langs allerlei voorwerpen schuren en zal hij regelmatig uit het water springen. In een later stadium zal de koi lusteloos worden en uiteindelijk sterven als u niet op tijd tot behandeling overgaat.

Bacteriën.

Vinrot./ Huidontsteking./ Buikwater.

 

 Welke gevaarlijke bacteriën teisteren onze koi?

Multiresistente bacteriën vormen voor de koi momenteel de grootste bedreiging. Door doorgedreven selectie en inteelt hebben koi waarschijnlijk een genetisch bepaalde, minder goede immuniteitsvorming. Voeg hierbij het antibioticum gebruik; maar vooral misbruik en het probleem is geboren.

Als het microscopisch onderzoek van de slijmhuid negatief is kan er gedacht worden aan een bacteriële aandoening. Een bacteriële aandoening kan echter pas met 100% zekerheid vastgesteld worden als een stukje slijmhuid op kweek wordt gezet. Hieruit kan men ook opmaken om welke bacterie het gaat. De behandeling bestaat meestal uit het toedienen van antibiotica.

Klinisch zijn een aantal beelden te onderscheiden. Verschillende soorten bacteriën kunnen hetzelfde beeld veroorzaken: Ontsteking van binnenuit: onderhuids ontstaan een of meer rode plekken, die naar buiten toe doorbreken, waardoor een gat (zweer) ontstaat. De vinnen en de rest van de huid zijn in eerste instantie nog gaaf. De vis blijft tot het laatst eten. De wonden kunnen gereinigd worden met waterstofperoxyde 2%.


Hoe een bacteriële aandoening herkennen ?

Door het op kweek zetten van de slijmhuid, door zweren op de vis, door uitstaande schubben en/of in combinatie met het opzwellen van de vis, door een rood geïrriteerde huid, door rafelige gekartelde vinnen die rood verkleurd kunnen zijn, door zweren aan bek en ogen. Een bacteriële aandoening gaat zelden vanzelf over en advies inwinnen van een koi arts is noodzakelijk.


Enkele veel voorkomende bacteriële aandoeningen ?

 

vinrot (Aeromonas hydrophilla) :
Bacterieel Vinrot word door verschillende bacteriën verwekt zoals Aeromonas en Pseudomonas en mytobacteriën. Eerst is er een lichte vertroebeling van de vinnen (doffe plekken) en later worden de vinranden wit. Door weefsel afsterving komen er franjes aan de vinnen waarbij een overmatige bloed vulling van de bloedvatten is te zien net achter het afgestorven weefsel. Bij de staartvin is ook de staartwortel rood getekend door de ontsteking. De huid is op het lichaam op diverse plaatsen aangetast en kapot waardoor een zweer (gat) ontstaat.

Vaak wordt Vinrot veroorzaakt door transportschade of beschadiging bij het vangen of door overpopulatie.

ADVIES : Behandeling met antibiotica is meestal nodig. Als alleen het zachte vinweefsel maar is aangetast is de totale genezing vaak mogelijk.

MORENICOL CYTOFEX van Colombo is een veilig middel dat alleen bij hoge overdoseringen schadelijk wordt. Door een speciale coating worden de actieve stoffen aan de slijmhuid van de vis gebonden. Hierdoor ontstaat een hoge concentratie van werkzame bestanddelen op de plek waar dit nodig is.

DOSERING : 1ml. per 10L vijverwater. Indien nodig de 3e en 5e dag met 1ml. per 10 liter water nadoseren. De benodigde hoeveelheid in de maatbeker afpassen in een gieter of emmer met water voormengen. Dan gelijkmatig over de vijver verdelen. UV-lamp voor ten minste één week uitschakelen.

Bij niet genezing koi arts raadplegen !

 

 

Diffuse oppervlakkige huidontsteking (In de volksmond ook wel foutief bekschimmel genoemd (Flexibacter columnaris)) :
Meestal ontstaat een diffuse huidontsteking door een Cytophaga-like bacterie zoals Flexibacter columnaris. De vinranden zijn rafelig. Huid en kieuwen zijn in eerste instantie maar oppervlakkig ontstoken maar wanneer de bacteriën in het lichaam of de kieuwen doordringen volgt meestal een snelle dood. Vaak wordt een diffuse huidontsteking verward met een schimmelinfectie. Verder vertoont de koi grijze plekken over het hele lichaam. Deze vlekken worden later bloedige plekken of platte huidzweren. Ook kunnen de vinnen en de staart weefselafbraak tonen.

Deze ziekte is zeer besmettelijk en het is daarom noodzakelijk dat al het materiaal dat met de vis in contact is gekomen goed wordt ontsmet.

ADVIES : Vis onmiddellijk in quarantaine zetten. Behandeling met antibiotica is meestal nodig. Als alleen het zachte vinweefsel maar is aangetast is de totale genezing vaak mogelijk.

MORENICOL CYTOFEX van Colombo is een veilig middel dat alleen bij hoge overdoseringen schadelijk wordt. Door een speciale coating worden de actieve stoffen aan de slijmhuid van de vis gebonden. Hierdoor ontstaat een hoge concentratie van werkzame bestanddelen op de plek waar dit nodig is.

DOSERING : 1ml. per 10L vijverwater. Indien nodig de 3e en 5e dag met 1ml. per 10 liter water nadoseren. De benodigde hoeveelheid in de maatbeker afpassen in een gieter of emmer met water voormengen. Dan gelijkmatig over de vijver verdelen. UV-lamp voor ten minste één week uitschakelen.

Bij niet genezing koi arts raadplegen !

 



Buikwaterzucht (ascites, dropsy) :
Buikwaterzucht is een aandoening bij vissen waarbij ze een grote buikomvang hebben en de schubben van het lichaam af staan (dennenappel uiterlijk). Vaak wordt bij buikwaterzucht gedacht aan een besmettelijke aandoening, dit is echter bij Koi slechts bij 1% van alle gevallen. De besmettelijke ziekte is meestal een infectie met vistuberculose (visTBC). Buikwaterzucht is dus in bijna alle gevallen
NIET besmettelijk.

Buikwaterzucht kan vele oorzaken hebben: een bacteriële infectie, virale infectie, een herpesvirus, mitraspora cyprini, een tumor, nier falen door giftige stoffen, een chronische hoge ammoniakwaarde en andere oorzaken voor slechte watercondities. Bij bijna al de bovengenoemde oorzaken vindt er een opeenhoping plaats van stoffen of organismen in de lever en de nieren. Deze opeenhoping zorgt voor een weefselbeschadiging in de lever en de nier. De beschadiging kan zulke erge vormen aannemen dat de organen niet normaal meer hun functie kunnen uitvoeren. De waterhuishouding van de vis raakt in die situatie ontregelt en water blijft dan achter in de verschillende weefsels. Dit water zakt ten gevolge van de zwaartekracht en komt onderin de buikholte terecht. Het volume van de buik neemt toe en er wordt extra druk uitgeoefend op de buikwand met als gevolg dat deze strak gespannen wordt en de schubben rechtop gaan staan. Het water in de schubben wordt ook niet goed afgevoerd en per schub vindt er een opeenhoping plaats. De grote hoeveelheid water zorgt er voor dat de schubben nog meer overeind gaan staan. Indien er slechts enkele schubben overeind staan is de prognose nog redelijk. Als de vis echter helemaal een dennenappel wordt dan is de prognose slechter aangezien er dan grote weefselbeschadigingen hebben plaatsgevonden waardoor de orgaanfunctie verstoord is. Over het algemeen kan het orgaan slecht herstellen en de vis overlijdt aan de gevolgen hiervan.



ADVIES : De behandeling van buikwaterzucht is niet makkelijk en het is verstandig om een deskundige te raadplegen. Slechts 5% van alle vissen met echte buikwaterzucht overleven de aandoening.

Behandeling met antibioticum heeft hierbij weinig nut omdat vaak in een te laat stadium de symptomen worden herkent. Een huidafstrijkje kan een parasitaire infectie bevestigen, echter een gerichte bestrijding voor deze vis is vaak te laat. Maar voor andere vissen kan het de redding betekenen.Besmettelijke buikwaterzucht kan men herkennen aan de volgende kenmerken: er moet sprake zijn van echte buikwaterzucht, er moeten minstens twee vissen last hebben en de symptomen moeten binnen 24-36 uur ontstaan zijn bij beide vissen. Isoleer de zieke dieren van de gezonde dieren en neem dan zo snel mogelijk contact op met een deskundige.

 

Eencellige : protozoën.

Witte stip./ Costia.

 

Hoe een infectie met eencellige herkennen ?

Ichthyophthirius multifiliis of witte stip :
Deze vaak voorkomende aandoening wordt veroorzaakt door de Ichthyophthirius multifiliis parasiet. Op de vis zijn duidelijk witte puntjes te herkennen die zowel op de huid als op de vinnen voorkomen. De huid van de vis is sterk verslijmd. De vissen schuren langs rotsen en vijverwand, klemmen hun vinnen, hangen in een later stadium apathisch in een hoek van de vijver en nemen geen voedsel meer op. Omdat deze ziekte zeer besmettelijk is, is een snelle diagnose en behandeling noodzakelijk.

De parasiet vermeerdert zich in 3 stappen. Hij groeit op de huid van de vis, de huid van de vis is zijn voedsel. Na de groeifase verlaten de volwassen Ichthyophthirius multifiliis de huid en zinken tot de bodem waar zij zich vermeerderen tot 1000 sporen per parasiet. De derde fase is de infectiefase waar de sporen op zoek gaan naar nieuwe vissen. Vinden de sporen binnen 70 uur geen nieuwe vis dan sterven ze af.

Een afstrijkje van de huid, vinnen of kieuwen wordt bij een vergroting van 50-200x bekeken. Deze ciliate ziekteverwekker heeft de vorm van een ovaal. Er is een duidelijke hoefijzervormige cirkel in de parasiet te herkennen. Dit is de grote celkern. Hiernaast heeft Ichthyophthirius multifiliis nog een kleine ronde celkern; welke niet altijd even duidelijk te zien is.

         

          

         


Advies :
Ichthyophthirius multifiliis of witte stip is eenvoudig met een middel tegen eencellige te behandelen. Omdat als de silicaten de huid verlaten gaatjes ontstaan, is het mogelijk, dat bijkomende bacteriële infecties en schimmelinfecties ontstaan. ALPAREX van Colombo voor de vijver zorgt ervoor, dat Witte stip en andere eencellige met positief resultaat bestreden worden.

Dosering :
1ste dag 1ml.per 20 liter vijverwater; de 2e dag nog eens 1ml.per 20 liter vijverwater. UV-lamp minimum 1 week uitschakelen.

Tussen ALPAREX en FMC-50 dient minimum twee weken tussen te zijn.


Costia of Ichthyobodo necatrix of huidvertroebeling :
Costia is eigenlijk verouderd, want tegenwoordig noemt men deze ziekteverwekker Ichthyobodo necatrix. Deze parasiet veroorzaakt net als de meeste andere parasieten huidvertroebelingen die echter minder goed te zien zijn. Bij een massale infectie zien we op de huid enkele grijze vlekken die als een film op de huid aanwezig zijn. In sommige gevallen vinden wij Ichthyobodo ook op de kieuwen van de vissen. De vissterfte kan bij een costiabestemmetting zeer hoog zijn, omdat ook vaak secundaire bacteriële infecties voorkomen. Costia is de voornaamste visdoder in de winter omdat deze parasiet zich kan blijven ontwikkelen bij een temperatuur van minder dan 2C°. Zoals bij andere infecties door eencellige zwemmen de vissen tuimelend door het water, schuren aan de vijverwanden en vermageren. Sommige vissen sterven zelfs zonder dat er één van deze symptomen is waargenomen.

Ichthyobodo behoort in tegenstelling tot de drie vorige parasieten tot de groep van de flagellanten. Anders dan de silicaten hebben de flagellanten enkele haartjes. De costia heeft 2 lange en 4 korte haartjes waarmee hij zich voortbeweegt. De parasiet vermeerdert zich door celdeling, waardoor bij een eventuele besmetting de parasiet op zeer korte tijd grote sterfte veroorzaakt bij vooral jonge vissen. Deze ziekte is zeer besmettelijk. Costiaparasieten dienen binnen de twee uur een nieuwe gastheer te vinden of ze sterven.

Onder de microscoop is Ichthyobodo bij een vergroting van 200-400x aan zijn snelle zwembeweging en zijn boonvormig uiterlijk te herkennen. Costia is voor een beginnende onderzoeker moeilijk te herkennen doordat ze zeer klein zijn (7-15µm) en zeer snel van plaats wisselen.

  


   


Advies :
Costia is eenvoudig met een middel tegen eencellige te behandelen. ALPAREX van Colombo voor de vijver zorgt ervoor, dat Costia en andere ééncelligen met positief resultaat bestreden worden. De bestrijding van een ziekte veroorzaakt door flagellanten kan geholpen worden door de vissen in een donkere omgeving te brengen.

Dosering :
1ste dag 1ml.per 20 liter vijverwater; de 2e dag nog eens 1ml.per 20 liter vijverwater. UV-lamp minimum 1 week uitschakelen.

Tussen ALPAREX en FMC-50 dient minimum twee weken tussen te zijn.